dinsdag 26 april 2016

Gegrilde lamskarbonaadjes met Argentijnse chimichurri

Een heerlijk BBQ-gerechtje, deze gegrilde lamskarbonaadjes. Je serveert ze zoals de Argentijnen dat doen: met chimichurri, een licht pikante, fruitige salsa met veel verse kruiden!


Het is altijd prettig als je werk gewaardeerd wordt. Zeker als je daarvoor lange tijd in verre binnenlanden onder niet al te geweldige omstandigheden hebt moeten vertoeven. Victor, mijn man was dus blij verrast, toen zijn Argentijnse collega’s hem na zijn laatste bezoek aan Chaco, een dorre, armoedige provincie in het noorden van Argentinië, niet zonder afscheidscadeau wilden laten vertrekken.

Maar wat moet je zo’n westerling nou geven? Het meest kenmerkende, dat zijn collega’s van Victor wisten, was dat hij een echte smulpaap was. Waarom zouden ze hem dan niet wat eetbaars geven?

Delicatessenwinkels, waar lekkere hapjes te koop waren, had je in het kleine dorpje niet. Maar, bedacht één van Victors maatjes, geiten liepen er volop. En voordat Victor doorhad wat er ging gebeuren, gaf hij iemand de opdracht er eentje te slachten, speciaal voor hem. Niet om ter plekke op de barbecue te leggen, maar om netjes in te pakken en mee naar huis te nemen. Ook leuk voor moeder de vrouw!

Je kunt je mijn reactie wel voorstellen, toen mijn man met zíjn culinaire bagage thuiskwam. Na vele lagen bruin papier van het enorme pak afgepeld te hebben, begon ik langzaam maar zeker de inhoud te ontwaren: vier bloederige poten, een stuk ribbenkas, wat was dít?

En toen moest dat lieve beestje natuurlijk ook nog klaargemaakt worden. Niet eenvoudig, zo bleek al snel. In de eerste plaats waren de stukken geit zo groot, dat ze noch in de oven noch op onze bescheiden barbecue pasten. De slager moest eraan te pas komen om er met zijn hakbijl en zaag wat meer hapklare brokken van te maken.

Daarna probeerden we tig bereidingswijzen uit: grillen, stoven, braden in de oven, met of zonder marinade. Uren en uren stonden de diverse onderdelen van ons cadeau hun best te doen om mals te worden. Maar niets mocht baten. Onze geit bleek wel een bijzonder taai gestel te hebben!

Uiteindelijk heeft onze buurvrouw het vlees meegenomen om aan haar honden te voeren. We hebben er niet van gesmikkeld, maar we hebben er wel erg veel plezier aan beleefd en heel wat afgelachen! En dat is ook wat waard, niet waar!

Voor ons nooit meer oudegeitenvlees. Dat zul je wel begrijpen. Maar de neefjes en nichtjes van die Argentijnse geiten, de malse, jonge lammetjes, die lustten we wél. In het zuiden van Argentinië werden ze met veel liefde gefokt, hele kuddes van die diertjes. Regelmatig wist mijn slager de hand te leggen op een partij heerlijk zachte lamskarbonaadjes. Dan sloeg ik mijn slag en maakte er een smakelijk barbecuemaaltje van. En dat kun jij ook doen, maar dan met het verrukkelijke Hollandse lamsvlees.


Recept Gegrilde lamskarbonaadjes met Argentijnse chimichurri


Bij de gegrilde lamskarbonaadjes hoort natuurlijk, heel Argentijns (lees maar mijn blog van vorige week), chimichurri! En in de oven geroosterde aardappeltjes (maak het recept wel zonder kummel) en een lekkere salade, bijvoorbeeld een salade van komkommerlinten met rodepuntpaprikasnippers.

Geniet ervan!


Recept Argentijnse chimichurri


Gegrilde lamskarbonaadjes met Argentijnse chimichurri


Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 4 personen:

  • 12 (dubbele) lamszadelkoteletjes of 16 à 20 (enkele) lamskarbonaadjes
  • een beetje olijfolie
  • zout en versgemalen zwarte peper
  • een ruime portie Argentijnse chimichurri

Bereiding:

  1. Wrijf de koteletjes in met een beetje olijfolie. Bestrooi ze met zout en peper.
  2. Gril ze in 6 à 8 minuten (afhankelijk van de dikte van de karbonaadjes/je smaak) goudbruin en krokant op de barbecue of in een hete grillpan.
  3. Serveer de koteletjes met een heerlijke portie chimichurri.

Tips:

  1. Snijd de vetrandjes van de lamszadelkoteletjes op een paar plekken een klein beetje in voordat je de koteletjes grilt. Dan gaan de koteletjes niet kromtrekken.
  2. Als je kiest voor de enkele lamskarbonaadjes, kun je ze ook als tapa serveren. Heerlijk, zo’n tapa met Argentijns temperament!
  3. In de oven geroosterde aardappeltjes zijn hier verrukkelijk bij. Eet ook deze met een likje chimichurri!
  4. Voor de variatie kun je de karbonaadjes en de aardappeltjes ook serveren met chimichurrimayonaise. Dat is gewone (liefst zelfgemaakte) mayonaise, waar je lekker veel (een beetje uitgelekte) chimichurri doorheen roert.

donderdag 21 april 2016

Chimichurri, een typisch Argentijnse salsa

Wil je graag elk nieuw recept in je inbox ontvangen? Geef je dan nu op voor mijn gratis receptenservice!


Voor mij bestaat er geen lekkerdere salsa dan chimichurri. Er staat altijd wel een pot in mijn koelkast. Ik serveer hem bij vlees, kip, vis, in salades, in sausjes. En bij de BBQ natuurlijk!


Zoals je weet wordt er in Argentinië Spaans gesproken, castellano (Castiliaans) zoals ze het zelf noemen. Voordat ik jaren geleden verhuisde naar het Zuid-Amerikaanse land, sprak ik geen woord Spaans. Om mijn inburgering een kickstart te kunnen geven, moest ik voor vertrek al aan de bak om de beginselen van de taal vast op te pikken.

Een week lang volgde ik in hartje Amsterdam een intensieve spoedcursus. De lessen werden gegeven door een charmante Zuid-Amerikaanse, die haar uiterste best deed er bij mij in zo kort mogelijke tijd een zo groot mogelijke woordenschat in te pompen.

Ze had zelf pas recentelijk Nederlands geleerd en voelde dus feilloos aan waar de pijnpunten lagen. Ik weet nog dat ze me waarschuwde woorden die veel op elkaar leken extra goed te oefenen. Zelf had ze immers eens in een Nederlands restaurant “arbeiders met slagroom” in plaats van aardbeien besteld en de grote hilariteit, die dat teweegbracht, lag haar nog vers in het geheugen.

Eenmaal in Buenos Aires kreeg ik een aantal uren per week privéles; met een hoop huiswerk erbij… Diploma’s en dergelijke waren er niet te behalen, maar Carmen, mijn lerares had toch een toets bedacht.

De gemiddelde porteño, inwoner van Buenos Aires, spreekt behoorlijk binnensmonds en is dus vaak moeilijk te verstaan. Carmens man was wat dat betreft het prototype. Een avond met hem overleven stond voor haar gelijk aan een geslaagd examen. En dus werd ik samen met mijn man Victor, ook één van haar pupillen, na enkele maanden studie uitgenodigd voor een etentje met hem.

De toets speelde zich af in een typisch familierestaurant in één van de buitenwijken van de stad: felle tl-verlichting, kleurige geblokte tafelkleedjes, gillende en rondrennende kinderen en grote lomos, ossenhaasbiefstukken, op tafel.

De wijn vloeide rijkelijk en ons Spaans werd dus met de minuut beter (of merkten we onze fouten niet meer?). In elk geval was het beregezellig en we slaagden (daarom?) volgens onze examinator met lof. 

Natuurlijk werd er veel over de Argentijnse cultuur gepraat en dan met name over de Argentijnse eet- en drinkcultuur. We leerden alles over de wijn uit Mendoza en Salta en het uitstekende vlees van de pampas.

Tot dan toe was het ons opgevallen, dat een Argentijn over het algemeen zijn vlees heel puur eet: vrijwel zonder sauzen, weinig poespas. Toch was er volgens Carmen één salsa of aliño, een soort kruidendressing, die we absoluut moesten proeven, de chimichurri. In restaurants kwam je hem nauwelijks tegen, tijdens huiselijke asados, barbecues, echter des te vaker.


Recept Chimichurri, een typisch Argentijnse salsa


Op speciaal verzoek wilde de kok hem wel voor ons klaarmaken en inderdaad: het bleek een onovertroffen succes. Dat maakten we dan ook kenbaar aan de ober, die met dit compliment zo in zijn sas was, dat hij de kok er persoonlijk bij haalde.

En van het één kwam het ander: uiteindelijk gingen we naar huis met een groezelig stukje papier met hét recept. Achteraf bleek dat elke Argentijnse huisvrouw haar eigen recept heeft, dat volgens haar het allerbeste is. En daar sluit ik mij helemaal bij aan, ook al ben ik inmiddels een Nederlandse huisvrouw: mijn recept is de absolute top onder de chimichurris ;)

Ik zal voor de volledigheid nog even uitleggen wat chimichurri precies is en waar het voor gebruikt wordt. De Argentijnen noemen het een “aliño”. Wij zouden tegenwoordig zeggen: “salsa”. Je hakt smaakmakers als knoflook, Spaanse pepers en verse kruiden zeer fijn en vermengt ze met olijfolie en azijn. Mijn versie is extra fruitig doordat ik ook tomaten en rode paprika toevoeg.

Je serveert de salsa bij allerlei soorten gegrild vlees: biefstuk, gemarineerde varkenskarbonades, lamskarbonaadjes, kip, worstjes, etc. Ook bij gegrilde tonijn, gegrilde grote garnalen of garnalenspiesjes smaakt chimichurri voortreffelijk.


Garnalenspiesjes met Argentijnse chimichurri

Regelmatig roer ik een lepel chimichurri door de mayonaise voor een heerlijke barbecuesaus. Of ik maak er kruidenboter mee op smaak, bijvoorbeeld voor bij gegrilde maïskolven. Een schepje door de sla is ook verrukkelijk.

Kortom: ik raad je aan om altijd een pot chimichurri in je koelkast op voorraad te hebben!


Argentijnse chimichurri

Chimichurri, een typisch Argentijnse salsa


Ingrediënten voor ±1 liter:

  • 10 teentjes knoflook
  • 2 Spaanse pepers
  • 8 Tasty Tom-tomaten
  • 1 grote rode paprika
  • een heel grote bos platte peterselie
  • een bosje verse oregano
  • 5 theelepels gedroogde oregano
  • 3 eetlepels rodewijnazijn
  • een grote hoeveelheid Spaanse extra virgen olijfolie

Bereiding:

  1. Kruis de tomaten in dompel ze 20 seconden onder in kokend water. Leg ze vervolgens in een kom met ijskoud water. De velletjes laten daarna gemakkelijk los. Ontpit de tomaten ook. Snijd het vruchtvlees met een koksmes in zeer kleine blokjes. Knijp de tomatenblokjes een klein beetje uit en doe ze over in een kom.
  2. Snijd het vruchtvlees van de paprika ook zeer fijn. Voeg de paprikablokjes toe aan de tomaten.
  3. Ris de blaadjes van de oregano.
  4. Verwijder de pitjes en de zaadlijsten uit de Spaanse pepers.
  5. Je kunt de knoflook, de Spaanse pepers en de kruiden samen fijnhakken. Dat kan met een koksmes of in de foodprocessor. Schep het mengsel bij de tomaten.
  6. Roer de azijn en een ruime hoeveelheid olijfolie door het geheel. Vermeng alles goed.
  7. Doe de chimichurri over in een schone pot. Schenk er nog zo veel olijfolie bij totdat de chimichurri helemaal onder staat; de olie zorgt voor de conservering.
  8. Bewaar de chimichurri in de koelkast, maar neem hem er een uurtje voor het serveren uit, zodat de wat dikker geworden olijfolie weer kan opwarmen.

Tips:

  1. Kun je geen verse oregano vinden, voeg dan in totaal 10 gram gedroogde oregano toe. Vervang de gedroogde oregano niet helemaal door verse; gedroogde oregano heeft een veel sterkere smaak dan verse oregano en die smaak heb je hier nodig. Gedroogde peterselie is geen alternatief voor de verse.
  2. Serveer de chimichurri in een doorzichtige pot; dat ziet er geweldig uit!
  3. Zout heb je eigenlijk niet nodig in dit recept; het maakt de salsa wateriger omdat dan de tomaten en de paprika vocht gaan loslaten.  Je kunt beter je vlees zouten. Gebruik voor gegrild of gebarbecued vlees eens krokante zoutvlokken (bijv. van Maldon) of een andere soort speciaal zout. Heerlijk!
  4. Een pot chimichurri kun je makkelijk een week bewaren in de koelkast, mits je voldoende olijfolie hebt toegevoegd, zodat de salsa goed onder staat.

woensdag 20 april 2016

Kersenflappen

Wil je graag elk nieuw recept in je inbox ontvangen? Geef je dan nu op voor mijn gratis receptenservice!


Zoet, krokant, fruitig én snel klaar. Bak deze kersenflappen één keer en ik garandeer je dat het niet bij die ene keer zal blijven!


Vrienden vragen mij vaak: “Jij hebt zo veel recepten. Als je één, nou vooruit, twee of drie gerechten zou mogen uitkiezen, welke vind je dan de allerlekkerste?”

En ja, dan moet ik hun het antwoord altijd schuldig blijven. Helaas… of misschien juist niet: ik vind zo ontzettend veel lekker! Het hangt er helemaal vanaf hoe mijn pet staat.

Zouden ze me vragen “Wat is jouw fruit-top 3?”, dan zou ik het antwoord wel weten! Op 1: kersen, op 2: kersen en op 3: kersen!

Kersen vormen (letterlijk!) een rode draad door mijn leven. Als peuter vond ik het al zonde om, zoals de andere kinderen dat deden, een duootje van verse kersen aan steeltjes om mijn oren te hangen. Kersen waren geen oorbellen: die moest je opeten!

Toen ik vier was, verhuisden we van een kleine flat in de stad naar een huis met tuin op het platteland. Mijn vader plantte meteen een aantal fruitbomen in zijn kersverse tuin. Mijn zusjes en ik mochten elk één boom uitkiezen, die (zogenaamd) onze eigen boom zou worden.

Eén van mijn zusjes koos voor de perzikenboom. Die droeg al vrij snel vruchten: triomf! Totdat we erin beten… Ze bleken stuk voor stuk niet echt vegetarisch te zijn, als je begrijpt wat ik bedoel!

Ik ging voor de hedelfinger, de kersenboom dus. Een hedelfinger is niet zomaar een kers: het is een dikke, knapperige, superzoete kers. De koningin onder de kersen zeg maar! Jaar na jaar na jaar speurde ik elke zomer mijn boompje af op zoek naar een oogst. Ik moest nogal wat geduld hebben. Eindelijk, eindelijk verschenen er vruchten in mijn boom.

Toen sloeg het noodlot toe: mijn vader ruilde wat grond met de buurman. Dat was praktischer voor de indeling van de tuin. Je voelt hem al aankomen natuurlijk: mijn boom belandde met zijn stam net over de grens in de tuin van de buurman! Een hoge muur scheidde mij voortaan van mijn boom… Tranen met tuiten huilde ik erom. Totdat bleek dat de buurman niet van kersen hield. Als ik niet door zijn tuin zou lopen, mocht ik plukken!!! Je begrijpt waar je mij tijdens mijn tienerjaren in de maand juli kon vinden. Juist: bovenop de muur in het hart van mijn boom! Mmmm!

Tijdens mijn studententijd was het Victor, die me regelmatig verraste met een grote zak kersen. Ik zie ons nog zitten in het gras achter de Burcht in Leiden. Heerlijk in het zonnetje: een plaatje uit een zoete romcom, maar dan echt!

Petra is letterlijk groot geworden op kersen. Ze is geboren in juli en de weken voor haar geboorte legde Victor er eer in mij in de watten te leggen. Ik moest het rustig aan doen, maar op de bank Wimbledon kijken met een bak kersen op mijn schoot: dat mocht!

Jaren later verhuisde ik met Victor en Petra naar de tropen. Nee, kersen zijn geen tropische vruchten. Triest, maar niet getreurd. Als je kersen verwerkte in desserts en gebak, waren de exemplaren uit pot en blik nog best te pruimen. Sterker nog: in de juiste combinaties zijn ze dan nog steeds verrukkelijk! Wat dacht je van zelfgemaakt maanzaadijs met geflambeerde kersen, chocoladetulband met kersen en slagroom, Limburgse kersenpannenkoekjes of kersenclafoutis?

In die tijd bakten we ook vele, vele kersenflappen: krokante bladerdeegflapjes gevuld met kersenjam en sappige kersen uit pot. Makkelijk te maken, snel klaar en superlekker! Bekijk snel het recept hieronder en bak ze zelf ook!

Nog een paar maanden en dan is het weer tijd voor verse kersen. Ik kan er bijna niet op wachten. Hedelfingers zijn tegenwoordig moeilijk te krijgen, maar veel andere Nederlandse kersensoorten zijn ook niet te versmaden. De zus van de perzikenboom woont tegenwoordig in de Betuwe midden in het walhalla van de kersen. Daar gaan we binnenkort dus weer wat kilootjes inslaan. Hou dit blog in de gaten, want ik heb nog een aantal heerlijke recepten met verse kersen voor je in petto!


Recept kersenflappen

Kersenflappen


Ingrediënten voor 12 stuks:

  • 12 plakjes roomboterbladerdeeg
  • ±250 gram kersenjam
  • 2 potten kersen zonder pit (uitlekgewicht samen ±350 gram)
  • 1 ei, losgeklopt in een kopje
  • kristalsuiker
  • boter voor het invetten van de bakplaat
  • een beetje bloem voor het bestuiven van het werkvlak

Bereiding:

  1. Laat de plakjes bladerdeeg enigszins ontdooien.
  2. Verwarm de oven voor tot 200°C.
  3. Laat de kersen goed uitlekken.
  4. Bestuif het werkvlak met een beetje bloem, zodat de het bladerdeeg er niet aan blijft plakken tijdens het vormen van de kersenflappen.
  5. Leg in het midden van elke plakje deeg wat kersen en een paar theelepeltjes jam.
  6. Vouw het deeg zo dicht, dat er een driehoekje ontstaat. Druk het deeg met de vingers goed aan. Snijd de randjes netjes bij met een deegradertje.
  7. Bestrijk een grote ovenplaat (of twee kleinere ovenplaten; bak ze bij voorkeur na elkaar) met boter en leg de flapjes erop. Bestrijk de flapjes met losgeklopt ei en bestrooi ze daarna met suiker (±2 theelepels per flapje).
  8. Bak de kersenflappen in 20 à 25 minuten gaar en goudbruin. Het kan geen kwaad als er tijdens het bakken hier en daar een beetje jam uit de flapjes loopt.
  9. Schep de kersenflappen van de bakplaat en leg ze op een rooster.

Tip:

Serveer de kersenflappen warm of koud. Ze zijn het allerlekkerst op de dag van het bakken zelf. Daarna blijven ze nog een dag of twee goed. Bewaar ze na afkoeling onder een stolp buiten de koelkast.


vrijdag 15 april 2016

Maaltijdsalade van gemarineerde garnalen, artisjokkenharten en kruidensla

Wil je graag elk nieuw recept in je inbox ontvangen? Geef je dan nu op voor mijn gratis receptenservice!


Vers, gezond, snel en natuurlijk heel erg lekker: deze salade met gemarineerde garnalen wil je wel elke dag op tafel zetten!


Ik wil graag nog even terugkomen op mijn blog van gisteren. Ik weet dat ik toen beweerde dat roze garnalen minder smaakvol zijn dan de kleine Hollandse garnaaltjes. Nee, die uitspraak ga ik niet intrekken, maar ik ga hem wel nuanceren. Roze garnalen kunnen ook smaakvol zijn; tenminste als je ze dat smaakje meegeeft!

In het Verre Oosten leerde ik dat garnalen in alle soorten en maten verrukkelijk zijn in een geurige Indiase curry, in een Maleisische of Thaise noedelsoep of in een Chinese roerbakschotel. In een gerecht met veel specerijen komen ze prima tot hun recht!

Ook in Zuid-Europa maken ze heerlijke hapjes met garnalen. Voor een Spaanse tapa marineer ik ze vaak in een mengsel van olijfolie, citroensap, knoflook, Spaanse peper en tuinkruiden.

Ik ben zo dol op die gemarineerde garnalen, dat ik ze ook graag serveer als hoofdgerecht: ik vul er dan een salade mee!

Op een mooi bord leg ik een licht met olijfolie en citroensap aangemaakte salade van diverse soorten sla, ringetjes bieslook, grof gesneden platte peterselie en basilicumblaadjes. Op zich al erg lekker, maar dan zijn we er nog niet. Ik snijd wat artisjokkenharten (in olie) in kleinere stukken en ik snipper een mooie geroosterde paprika. Beide groenten verdeel ik over de kruidensla.

Als de kroon op het werk mogen de gemarineerde garnalen erover. Lekker brood met een likje gezouten roomboter erbij en dan genieten!

Zo zet je in weinig tijd een verrukkelijke en gezonde maaltijd op tafel!

Tip: je kunt deze salade in kleinere porties ook als voorgerecht of zelfs als amuse serveren.


Recept http://culinairebagage.blogspot.nl/2016/04/maaltijdsalade-van-gemarineerde-garnalen-artisjokkenharten-en-kruidensla.html

Maaltijdsalade van gemarineerde garnalen, artisjokkenharten en kruidensla


Ingrediënten voor een maaltijdsalade voor 2 personen:

Voor de gemarineerde garnalen:

  • 2 ons middelgrote (gare en gepelde) roze garnalen
  • enkele eetlepels extra vergine olijfolie
  • 1 à 2 eetlepels versgeperst citroensap (naar smaak)
  • ½ Spaanse peper, zonder zaadlijsten, zeer fijn gesnipperd
  • 1 teentje knoflook, zeer fijn gesnipperd
  • 3 eetlepels gehakte platte peterselie
  • 1 eetlepel gehakte verse tijmblaadjes

Voor de salade:

  • 100 gram gemengde sla met rucola
  • een bosje platte peterselie, grof gehakt of in stukjes gescheurd
  • 2 eetlepels in ringetjes geknipte bieslook
  • de blaadjes van een bosje basilicum, heel
  • 1 potje artisjokkenharten (in olie)
  • 1 grote geroosterde rode puntpaprika (uit pot)
  • versgeperst citroensap naar smaak
  • extra vergine olijfolie naar smaak
  • zout en versgemalen zwarte peper

Voor erbij:

  • een paar sneetjes lekker brood
  • (gezouten) roomboter

Bereiding:

  1. Roer een marinade van alle ingrediënten vanaf de olijfolie tot en met de tijmblaadjes.
  2. Schep de garnalen erdoorheen en laat ze minstens 4 uur, maar het liefst een heel etmaal marineren. Zet ze daartoe afgedekt in de koelkast.
  3. Laat de artisjokkenharten uitlekken en snijd ze in wat kleinere stukjes.
  4. Snijd de paprika in kleine blokjes.
  5. Scheur de sla in wat kleinere stukjes. Bestrooi hem met wat zout en peper en schep er een beetje citroensap en olijfolie doorheen. Maak hem lekker op smaak.
  6. Verdeel de sla over 2 grote borden. Strooi de verse kruiden eroverheen.
  7. Verdeel ook de artisjokkenharten en de paprikastukjes over de salade.
  8. Als laatste mogen de gemarineerde garnalen op de salade gelegd worden.
  9. Serveer de salade met brood met (gezouten) roomboter.

Tips:

  1. Je zou de gemengde sla ook kunnen aanmaken met de marinade van de garnalen in plaats van met vers citroensap en olijfolie. De smaak van het gerecht wordt dan wat minder fris en wat knoflookachtiger. De salade wordt echter wel wat pikanter en steviger van smaak. Aan jou de keus!
  2. Serveer de gemarineerde garnalen zonder salade voor een heerlijke Spaanse tapa!

Recept Gemarineerde garnalen


donderdag 14 april 2016

Speltboterhammen met Hollandse garnalen, sla en een pikante saus

Niet veel tijd om te koken vandaag? Dan zijn deze speltboterhammetjes met Hollandse garnalen de oplossing! Ze zijn niet alleen verrukkelijk, ze staan ook nog eens in een mum van tijd op tafel!


Eén van de heerlijkste producten van Nederlandse (zee)bodem zijn ongetwijfeld die smaakvolle grijze Hollandse garnaaltjes. Nergens anders ter wereld kun je die krijgen behalve dan wellicht nog in een paar aangrenzende landen (in België maken ze er verrukkelijke kroketten van!). Allerlei soorten roze garnalen, van klein tot groot, kunnen ook lekker zijn, maar ze kunnen naar mijn mening bij lange na niet tippen aan verse, zilte, naar de zee smakende grijze garnalen.

Ik kan me nog herinneren, dat ze tijdens mijn jeugd in Zuid-Limburg vaak óf niet te krijgen waren (zo ver van de zee!) óf tegen een veel te hoge prijs.

Nadat ik voor mijn studie naar het ‘noorden’ – Utrecht! - ‘geëmigreerd’ was, kwam ik ze echter regelmatig tegen op de markt op het Vredenburg.

De grootste aantrekkingskracht hadden die enorme bergen met ongepelde garnalen, die er altijd zo uitdagend bij lagen in de kramen met voor mij als ‘binnenlander’ ongekend grote hoeveelheden verse vis. Met mijn krappe studentenbeurs kon ik ze me eigenlijk nooit permitteren...

Maar één keer in de zoveel maanden kwam mijn moeder op bezoek en die trakteerde traditiegetrouw niet op gebakjes, maar op zo’n kilootje ongepelde garnalen van de markt!

We kochten er een vers stokbrood en een pakje roomboter bij en al pellend genoten we van een urenlange lunch. Ideaal ook om weer eens uitgebreid bij te kletsen.

Een stokbroodje garnalen eet ik nog vaak, al moet ik helaas bekennen dat ik het pellen bijna nooit meer zelf doe…

Juist als ik niet veel tijd heb, is een onsje garnalen een uitkomst. Je zet er in een handomdraai een complete en heerlijke maaltijd mee op tafel!

Wat dacht je van het onderstaande receptje voor verse sneetjes speltbrood met gemengde sla en Hollandse garnaaltjes? De smaakmaker is een pikante mayonaise met geurige specerijen en een flinke scheut cognac, een twist op de klassieke cocktailsaus.

Ideaal om van te genieten op je terras of balkon tijdens één van die mooie lentedagen die ongetwijfeld nog gaan komen!


Recept Speltboterhammen met Hollandse garnalen, sla en een pikante saus

Speltboterhammen met Hollandse garnalen, sla en een pikante saus


Ingrediënten voor een snel hoofdgerecht voor 2 personen:

Voor de boterhammen:

  • 4 sneetjes speltbrood of ander brood dat je lekker vindt
  • 150 gram Hollandse garnalen
  • 75 gram gemengde sla met rucola
  • een bosje platte peterselie

Voor de saus:

  • 3 volle eetlepels mayonaise of halvanaise
  • 2 volle eetlepels tomatenketchup
  • 2 eetlepels cognac
  • ¼ theelepel pikant kerriepoeder
  • ¼ theelepel chilipoeder
  • een forse mespunt pikant paprikapoeder
  • 2 eetlepels versgeknipte bieslookringetjes

Bereiding:

  1. Roer een sausje van alle sausingrediënten. Proef de saus en voeg eventueel nog een beetje van een van de ingrediënten toe. De saus mag best pikant zijn.
  2. Scheur of snijd de peterselie in stukjes en meng deze door de sla.
  3. Leg op elk bord 2 sneetjes brood.
  4. Verdeel de sla over het brood.
  5. Drapeer her en der wat lepeltjes saus over de sla. Zet het restje in een apart kommetje op tafel.
  6. Strooi de garnalen over het gerecht.

zondag 10 april 2016

Vitello-tonnato-burgers: kalfshamburgers met tonijnmayonaise

Wil je graag elk nieuw recept in je inbox ontvangen? Geef je dan nu op voor mijn gratis receptenservice!


Eén van de grootste culinaire liefdes uit mijn leven geldt de combinatie kalfsvlees – tonijnsaus. Loopt jou ook het water in de mond bij het zien van onderstaande foto van een verrukkelijke kalfshamburger met tonijnmayonaise of alleen al bij het horen van de naam ‘Sandwiches met kalfsfricandeau en tonijnmayonaise met kappertjes’? En ben je net zoals ik verslaafd aan de moeder van al deze gerechten, vitello tonnato? Join the club!



Recept Vitello-tonnato-burgers: kalfshamburgers met tonijnmayonaise


Ik maakte voor het eerst kennis met de fameuze vitello tonnato tijdens een lunch in de wereldstad Buenos Aires, waar ik toen woonde. Veel inwoners van de stad, porteños genoemd (naar puerto=haven), vinden hun roots in Italië, waar het gerecht vandaan komt. Vandaar waarschijnlijk dat het gerecht daar veel eerder populair was dan in Nederland. De Argentijnen hebben er zelfs hun eigen naam voor: “vitel tone”.

Laat ik je vertellen over het hoe en waarom van die bewuste eerste vitel-tone-lunch.

Het fenomeen ‘lunchen in de bedrijfskantine’ was in die tijd (en waarschijnlijk nu nog steeds) in Buenos Aires volledig onbekend. Happen wij Nederlanders in 20 minuten even gauw een bruine boterham met kaas weg, zo niet de gemiddelde porteño. Die hunkerde rond het middaguur naar wat substantiëlere kost. Bovendien werd de maaltijd niet snel weggespoeld met een glas melk; een Argentijn komt rustig op adem onder het genot van zijn eigen nationale drank, een gloedvolle rode of frisse witte wijn.

In het economische hart van Buenos Aires wisselden de kantoorgebouwen en de restaurants elkaar af, zodat iedereen om de hoek terecht kon voor zijn favoriete lunch. De keus in eetgelegenheden was overvloedig, variërend van eenvoudige eetzaaltjes met tl-verlichting en felgekleurde plastic tafelkleedjes tot trotse grand cafés en decadente nouvelle-cuisinerestaurants.

Rond de klok van twaalf stroomden de kantoren leeg en waren de van tevoren vaak uitgestorven straten opeens druk bevolkt met formeel in jasje-dasje gestoken zakenlieden en kantoorklerken (uiterlijk was van wezenlijk belang in dit land). Druk gesticulerend en luid discussiërend met collega´s en handelspartners begaven zij zich met grote spoed en doelbewust naar hun uitverkoren lunchplek. Het beschikbare menu was meestal dermate bekend, dat de bestelling in no time geregeld kon worden en dan was het tijd voor ontspanning, zakenlunch of geen zakenlunch.

De wijn werd gebracht en dat maakte de tongen pas goed los. Er werd veel gepraat, veel gelachen en vooral goed gegeten. Op de meeste tafels verschenen traditionele lomos, steaks, en milanesas,  wienerschnitzels, vergezeld van grote porties papas fritas, frietjes, en groene salades.

Victor vond de lunchpauzes in het begin van ons verblijf in Argentinië een openbaring en genoot volop van de warme maaltijden. Maar al snel werd hem duidelijk, dat hij niet op deze voet door kon gaan, wilde hij ’s avonds bij moeder de vrouw ook nog eens de tafel eer aan doen. De kilootjes vlogen eraan. En een forse slok wijn tussen de middag bleek niet bevorderlijk voor de concentratie tijdens de rest van de werkdag. Noodgedwongen stapte hij al snel over op wat lichtere alternatieven.

En die bleken er toch ook wel te zijn. Op veel plaatsen in Buenos Aires waren heerlijke sandwiches te bestellen, geheel in Engelse stijl. En nergens vind je zulke dunne, krokante tosti’s, tostados, als in deze stad. Een andere optie waren de aloude milanesas, deze keer in een broodje in plaats van met de vette papas. En vergeet de empanadas, deegflapjes met vleesvulling, niet. Maar zijn favoriet was toch wel de vitel tone.

Toen ik een keer tussen de middag in het centrum was, nam hij me mee naar een prachtig grand café met veel hout, grote kroonluchters en keurig gedekte tafels met wit gesteven tafellinnen. Je kon er zowel op de begane grond zitten als op de verdieping. De mooiste plekjes waren op de verdieping langs de rand van de balustrade, vanwaar je goed zicht had op al die etende mensen en statige obers beneden. Precies daar zaten we toen de vitel tone arriveerde. Eén hap was voldoende om verliefd te worden. En nou ja, de rest van het verhaal ken je.

Thuis heb ik daarna nog vele malen vitel tone gemaakt. Meestal niet als voorgerecht, want die portie was te klein naar mijn smaak. Ik maak altijd forse hoeveelheden, vooral van de saus. Die kun je zo heerlijk opdopen met een goed stuk brood! Erbij serveer ik allerlei gemarineerde groenten: kapperappeltjes, artisjokken in olie, ovengeroosterde tomaatjes, paprikasalade, etc.

Pas veel later in mijn culinaire geschiedenis ontstonden de vitel-tone-afgeleiden. Ook niet mis! Proef de onderstaande hamburgers en laat me horen wat jij nou lekkerder vindt, het moederrecept of de hamburgerversie!

Tip: geen tijd om een originele vitello tonnato te maken? Koop dan dunne plakjes gebraden kalfsfricandeau (vleeswaar) en serveer er de saus van de vitello-tonnato-burger bij. Een prima alternatief!


Vitello-tonnato-burgers: kalfshamburgers met tonijnmayonaise

Vitello-tonnato-burgers: kalfshamburgers met tonijnmayonaise


Ingrediënten voor 8 hamburgers:

Voor de hamburgers:

  • 6 ons fijn kalfsgehakt
  • 1 ei
  • 5 sneetjes (oud) wittebrood zonder korst, fijngemalen in de foodprocessor
  • 2 eetlepels versgehakte basilicumblaadjes
  • 2 eetlepels versgehakte marjolein of oregano (of 2 theelepels gedroogde marjolein)
  • 1 eetlepel witte balsamicoazijn
  • zout en versgemalen zwarte peper
  • een beetje olijfolie voor het bakken van het proefhamburgertje
  • 150 gram gemengde sla
  • de blaadjes van een flinke bos basilicum
  • 4 bruine of witte ciabattabroodjes

Voor de tonijnmayonaise:

  • 250 ml droge (Italiaanse) witte wijn
  • 1 ui in ringen
  • 1 kleine zoetzure augurk in plakjes
  • 1 ingelegde ansjovis
  • 1 blikje (160 gram) tonijnstukjes in olijfolie, uitgelekt
  • 150 gram mayonaise of halvanaise
  • 1 eetlepel extra vergine olijfolie

Voor het garnituur:

  • 2 potjes kapperappeltjes
  • 2 potjes artisjokkenharten in olie

Bereiding:

  1. Begin met de tonijnmayonaise. Doe de wijn samen met de uienringen, de plakjes augurk, de ansjovis en wat versgemalen zwarte peper in een pannetje. Breng het geheel aan de kook en laat de wijn inkoken tot ±75 ml (zonder ui). Verwijder de uienringen en de augurk en laat de wijn een beetje afkoelen.
  2. Hak de tonijn in de foodprocessor zeer fijn. Voeg de mayonaise, de ingekookte wijn en de olijfolie toe. Draai de machine totdat er een mooie, gladde saus ontstaat. Proef en voeg eventueel nog wat zout en/of peper toe. Bewaar de tonijnmayonaise afgedekt in de koelkast.
  3. Vermeng voor de hamburgers alle ingrediënten vanaf het vlees tot en met de peper. Bak een klein proefhamburgertje in een koekenpan en proef. Voeg eventueel nog wat zout  en/of peper toe.
  4. Verdeel het gehakt in 8 porties. Plaats een bakring op het werkvlak. Druk een portie gehakt in de bakring. Maak de bovenkant mooi vlak. Verwijder de ring. Vorm zo nog 7 hamburgers. Schep ze met een platte spatel van het werkvlak en leg ze op een bord.
  5. Gril de hamburgers in een hete grillpan (of op de barbecue!) in 10 à 15 minuten gaar.
  6. Snijd ondertussen de broodjes open. Leg elke helft op een apart bord (per portie gebruik je maar een half broodje).
  7. Bestrijk alle broodhelften met een laagje tonijnmayonaise. Beleg de broodjes met wat gemengde sla, een paar blaadjes basilicum en een hamburger. Garneer de borden met de resterende sla, de basilicum, de kapperappeltjes en de artisjokkenharten.

Tips:

  1. Witte balsamicoazijn is verkrijgbaar bij goed gesorteerde delicatessenwinkels en in sommige supermarkten. Eventueel is hij te vervangen door witte wijnazijn.
  2. Heb je nog tonijnmayonaise, kapperappeltjes of artisjokkenharten over? Zet deze dan in schaaltjes op tafel.
  3. Voor de lunch serveer ik meestal één vitello-tonnato-burger per persoon. Eten we deze hamburgers tijdens de avondmaaltijd, dan ga ik uit van twee porties per persoon.

vrijdag 1 april 2016

Turkse courgettepannenkoekjes met een frisse citroen-knoflookdip

Wil je graag elk nieuw recept in je inbox ontvangen? Geef je dan nu op voor mijn gratis receptenservice!


Op zoek naar een superlekker, gezond en niet-doorsnee borrelhapje? Eureka! Bak deze fingerfood-pannenkoekjes met geraspte courgette, verse kruiden en kaas vandaag nog!


Stel je je avonden voor zonder tv, zonder internet, zonder mobiele telefoon, zonder restaurants en zonder bars… Dat was onze realiteit tijdens mijn Afrika-jaren. “Saaaaaai!”, hoor ik je al gapen. Ja, dat kan, maar dat hoeft niet!

Je gaat gewoon superveel socializen: borrels en feestjes organiseren, pub-quizzen (nou ja, thuis-quizzen) opzetten, af en toe een kaartje leggen, vrienden uitnodigen voor spelletjesavonden en heeeel vaak samen eten! Je kunt je wel voorstellen dat onze vrienden en ik door al die activiteiten langzaam maar zeker doorgewinterde cateraars en borrelhapjesprofs werden. En natuurlijk wisselden we heel wat van de opgedane culinaire bagage samen uit.

Misschien wel de lekkerste creatie uit die periode was het visitekaartje van een van de meest gedreven koks in mijn vriendenclub. Zelf was Justine Brits en haar man had de Turkse nationaliteit. Het stel was bijzonder gastvrij; hun huis bruiste regelmatig van de feestvreugde! En onveranderlijk begonnen hun avonden met verrukkelijke Turkse courgettepannenkoekjes naar een recept van Justines schoonmoeder. Schalen vol stonden er elke keer op het buffet. Toch moest je zorgen dat je op tijd kwam, want ze verdwenen als sneeuw voor de zon!

Gelukkig was mijn vriendin net zo gul met het uitdelen van recepten als met het trakteren op lekkere hapjes. En nu deel ik het recept dus weer met jullie!


Recept Turkse courgettepannenkoekjes met een frisse citroen-knoflookdip




Je maakt de pannenkoekjes door courgettes te raspen en de rasp te mengen met kaas, knoflook, verse tuinkruiden, eieren en bloem. Van het beslag bak je in een beetje olijfolie kleine fingerfood-pannenkoekjes.

Vers uit de pan zijn ze het allerlekkerste, omdat ze dan nog zo krokant zijn. Maar je kunt ze ook halfwarm serveren of zelfs koud uit de koelkast. Dat laatste is erg handig: geen lastminute-werk hier. Je kunt dit hapje prima uren voor je borrel of feestje al bereiden!

Hoe je deze traktatie het beste eet? Gewoon uit de hand! Vorm van je koekje een soort schelpje, waarmee je de dip van citroensap, Spaanse peper en knoflook opschept.

Pas op: aan dit gerechtje kun je verslaafd raken! Je kunt zelfs zo ver gaan, dat je het, net zoals ik vaak, als hoofdgerecht gaat eten. Trek dan wel één lijn met je huisgenoten, want met die hoeveelheid knoflook…

Tip: courgettepannenkoekjes zijn ook een leuk share-gerecht bij een mediterraan menu. Bijvoorbeeld in combinatie met hummus en/of tapas. Heerlijk buiten op het terras of het balkon tijdens een zwoele voorjaars- of zomeravond!


Recept Turkse courgettepannenkoekjes

Turkse courgettepannenkoekjes met een frisse citroen-knoflookdip


Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 2 à 3 personen, een voorgerecht voor 8 personen, een borrelhapje of een share-gerecht (±36 stuks):

Voor de courgettepannenkoekjes:

  • 4 grote courgettes
  • 150 gram geraspte belegen kaas
  • 2 eieren
  • 100 gram bloem
  • een ruime hoeveelheid fijngeknipte bieslook
  • een forse bos platte peterselie, fijngehakt
  • 1 grote teen fijngehakte knoflook
  • zout en versgemalen zwarte peper
  • pure olijfolie

Voor de citroen-knoflookdip:

  • 4 citroenen
  • fijngeknipte bieslook
  • 6 teentjes knoflook, fijngehakt
  • 1 Spaanse peper, fijngehakt

Bereiding:

  1. Schil de courgettes en verwijder het hart met de pitten. Rasp het vruchtvlees met de grove rasp van de foodprocessor. Schep de massa op een schone theedoek en strooi er een klein beetje zout overheen. Vermeng het geheel. Sluit de theedoek en pers het overtollige vocht uit de courgetterasp.
  2. Doe de rasp over in een beslagkom en voeg alle ingrediënten toe tot en met de peper. Schep het mengsel voorzichtig door elkaar, zodat het niet papperig wordt. Verwerk het courgettebeslag meteen en laat het niet staan voor later.
  3. Verhit in een koekenpan met anti-aanbaklaag een beetje olijfolie. Schep met twee lepels kleine hoopjes beslag in de pan en druk deze goed uit tot platte ovale schijfjes. Bak de koekjes enkele minuten aan elke kant totdat ze lekker bruin en krokant zijn. Laat de pannenkoekjes uitlekken op keukenpapier.
  4. Maak tijdens het bakken de dip. Pers daartoe de citroenen uit. Vermeng het sap met de rest van de ingrediënten.
  5. Serveer de courgettepannenkoekjes meteen of laat ze eerst afkoelen. Heet zijn ze het krokantst. Maar lauw of zelfs koud zijn ze net zo lekker. Het kan handig zijn om ze een paar uur van tevoren te maken. Bewaar ze dan, goed afgedekt, in de koelkast.
  6. Deze pannenkoekjes eet je het beste gewoon met je handen. Vouw de koekjes een beetje dubbel. Schep met het ‘schelpje’ dat zo ontstaat een beetje van de dip in je koekje. Heerlijk!